Historie


De geschiedenis van het Zalmhuis begint in 1863, wanneer Adriaan Dekkers aan de Hooge Zeedijk een logement annex uitspanning koopt. Tegenover het estaminet, zoals het café met een deftig woord heet, bevinden zich een koepel en een erf. Op dat buitendijkse terrein begint Dekkers in 1875 met het bouwen van een overdekte markt voor de afslag en verkoop van zalm, elft, winde, houting, fint en steur. Deze markt zal uitgroeien tot de grootste zalmafslag van Nederland.


Historie1



Rond 1880 neemt Jan van den Akker de uitspanning over. Al snel weet hij van het café een bloeiend bedrijf te maken. In 1896 laat Van den Akker bovenop de zalmmarkt een paviljoen bouwen.
Al gauw wordt het paviljoen te klein en in 1905, tijdens de bloeiperiode van de artnouveau, krijgt Van den Akker vergunning voor een nieuw paviljoen van 16 meter lang en 5 meter breed, dat op stalen kolommen boven het water wordt gebouwd. De eerste glorietijd van het Zalmhuis is begonnen. Toentertijd één van de meest karakteristieke gebouwen langs de Maasoever. Veel Rotterdammers reden op zondag met de tram naar de Honingerdijk en wandelden verder naar het Zalmhuis, waar zij hun uitje met een zalmmaaltijd afsloten.


Historie2



Als in 1906 het Zalmhuis zijn deuren opent, gaat het met de zalm in de rivieren al bergafwaarts. De watersnoodramp van 1953 is ook het begin van het einde voor het Zalmhuis. Dat einde wordt nog versneld door de oprukkende industrialisatie en de bouw van de Van Brienenoordbrug. Het veer wordt overbodig en als Kralingseveer door de dijkreconstructies vrijwel volledig op de schop gaat, is er geen redden meer aan. In 1955 maakt de slopershamer een einde aan de rijke historie van het Zalmhuis. Een voorlopig einde.